Op een drafje

Programmaperiode
Projecten GLB Strategisch Plan (programmaperiode 2023 - 2027) en Europese projecten
Maatregel
LEADER - reguliere projecten
Thema
Innovatieve en duurzame lokale landbouwproductie en -afzet, en valorisatie van biomassaresten
Provincie
Antwerpen
Lokale Actiegroep
Kempen Zuid
Beginjaar
2025
Projectkost
€116.880,00
Promotor
Thomas More Kempen
Periode
-
Situering

Naast de aanwezigheid van grote brouwerijen, neemt de afgelopen jaren de populariteit van kleinschalige bierbrouwerijen in onze regio fors toe. Bierdraf, de reststroom van bierbrouwen, wordt door grote brouwerijen (gratis) aangeboden aan varkens- en rundveebedrijven die het gebruiken als krachtvoer. Dit bierdraf is beperkt houdbaar. Om het te voederen aan de dieren moet het verwerkt worden bv. gedroogd of hermetisch verpakt (ingekuild). Voor kleine brouwerijen is het transport en de verwerking van bierdraf momenteel niet interessant. Op hun schaal kan dit niet op een rendabele manier georganiseerd worden. Vaak wordt het tegen een kost opgehaald, gratis weggegeven of gebruikt voor compostering (laagwaardige toepassing).

Kleinere brouwerijen werken soms samen met lokale landbouwers die de draf ophalen. De beperkte houdbaarheid en de nood aan een continue aanvoer van draf voor gebruik als veevoer, beperken echter de bewegingsvrijheid van beide partijen. Een lokale keten met oog op standaardisatie, bewaring en transport van bierdraf kan naast het opwaarderen van bierdraf ook zorgen voor een continue bevoorrading op grotere schaal. Dit biedt een mooie meerwaarde als structurele bron van lokaal geproduceerd krachtvoer. Het gebruik van bierdraf is op dit moment vooral beperkt tot rundvee en varkens. Maar ook de pluimveesector heeft interesse en biedt dus potentieel. De implementatie van de pluimveesector biedt extra opties voor de uitwerking van korte ketens evenals het verduurzamen van deze sector.

“Op een Drafje” ontstond vanuit (1) het streven naar optimaal gebruik van grondstoffen en reststromen. Bierdraf is rijk aan eiwitten en mineralen en wordt zeer beperkt tot niet gevaloriseerd bij kleinschalige brouwerijen. (2) Verder is er het feit dat grondstoffen zoals tarwe de afgelopen jaren fors duurder werden. De huidige politiek-economische context doet vermoeden dat deze trend zich nog een tijd zal doorzetten. Vanuit dit oogpunt wekt dit project bij de brouwerijen interesse aangezien het opwaarderen van bierdraf deel kan uitmaken van een betere kostenstructuur. (3) Tot slot zet “Op een Drafje” in op het verbinden van lokale actoren en het demonstreren van nieuwe samenwerkingsmogelijkheden vanuit een innovatieve invalshoek. Dit met het oog op meerwaarde voor alle betrokkenen in deze (korte) keten. Volgende stappen zullen in dit project uitgevoerd worden: (1) chemische analyse van het beschikbaar bierdraf; (2) eenvoudige, efficiënte verwerking van het draf; (3) voederproeven bij pluimvee; (4) uitwerken van een optimale valorisatieketen; en (5) disseminatie van de projectresultaten door een combinatie van demo-opstellingen, workshops en cases.

In de eerste fase (1) van het project analyseert EC Duurzame Biomassa & Chemie (EC DB&C) het ter beschikking gestelde bierdraf. Eerder onderzoek (oa UpWaste project) toont aan dat bierdraf een waardevolle bron van voedingsstoffen is met een duidelijk valorisatiepotentieel. Om een beeld te krijgen van dit potentieel is het belangrijk om de concrete samenstelling van de draf te kennen en in kaart te brengen omdat dit verschilt van bier tot bier , bv. owv ingezette grondstoffen en brouwprocessen. Gevolg is dat de samenstelling case per case zal verschillen. Dit project analyseert draf van 4 brouwerijen en kijkt naar de globale samenstelling, mineralenprofiel, vetzuurprofiel en globaal aminozuurprofiel. Met het oog op de organisatie van een ruimere logistieke keten, zullen de draffracties ook vermengd worden om de impact hiervan op de samenstelling af te toetsen. Met het oog op kostenefficiëntie, standaardisatie en meerwaarde naar de verschillende schakels in de keten, is het centraal samenbrengen en verwerken van de draf een belangrijke piste om te verkennen.

De volgende stap (2) is het verkennen van een efficiënte en eenvoudige verwerking. Doel is om het bierdraf te scheiden in een vloeibare en vaste fractie door persing. Hierdoor verlaagt het vochtgehalte in de draf wat de kost voor het verdere droging en transport verlaagt. Er wordt nagegaan welke van de eigenschappen in welke fractie (vloeibaar (B) of vast (A)) terechtkomen. Deze info is belangrijk met het oog op het vinden van toepassingen. Na de persing wordt gekeken of verdere droging van de vaste fractie (A) vereist is om de bewaartermijn te verlengen of om bierdraf te verwerken in pluimveevoeder. We gaan samen met actoren uit de veeteelt en pluimveesector op zoek naar de meest geschikte toepassingen, werken een stappenplan van de verwerking uit en stellen een roadmap op zodat deze informatie later in een samenwerkingsketen kan geïntegreerd worden.

Met de vloeibare fractie (B) gaan we na hoe deze kan ingezet worden als substraat voor microalgenkweek . EC DB&C heeft ervaring in het gebruik van vloeibare reststromen (vb grassappen - Grass2Algae). Het gebruik van reststromen voor algenkweek is baanbrekend omdat dit tot op heden weinig toegepast wordt bij actieve kwekers. Bierdraf is een voedingsproduct en voldoet aan de wetgeving voor voeding, waardoor algenkwekers de status ‘food grade’ behouden voor de microalgen. Microalgen hebben ook een zuiverend effect op het residuewater. Het stikstof- en fosforgehalte, beide belangrijke nutriënten voor microalgen, van de vloeibare fractie zal aanzienlijk verlaagd worden. Om na te gaan welke algen best groeien op deze fractie worden de Algae Pilot plant en de AlgMobil ingezet. Verder analyseren we de samenstelling van deze algen en bekijken we in welke mate de restwaters gezuiverd zijn. Doel is om een concrete pilootkweek op te starten die als demo- en inspiratiecase fungeert op het einde van het project. Een voederproef (3) met de gedroogde bierdraf wordt uitgevoerd met vleeskuikens door proefbedrijf pluimveehouderij (PP) om het potentieel van de droge fractie als voeder voor pluimvee in te schatten. Het PP heeft hier een uitgebreide ervaring en relevante expertise in huis. Bierdraf biedt mogelijkheden om als grondstof te worden gebruikt in pluimveevoeders. De proef bevat een vergelijking tussen een controlevoer en proefvoeders waarbij verschillende % bierdraf zijn toegevoegd. In de proef worden telkens een aantal herhalingen per proefgroep vergeleken. Deze wordt uitgevoerd met vleeskippen in een opstelling waarbij 20 eendagskuikens per proefgroep worden opgezet. In de proef worden de technische parameters opgevolgd over de volledige ronde. Hieruit worden dan o.a. de groei, voederconversie en het productiegetal berekend. Daarnaast worden ook de mest- en strooiselkwaliteit en een aantal diergezondheid- en welzijnsparameters opgevolgd en beoordeeld.
“Op een Drafje” wil concrete pistes voor valorisatie van bierdraf aanleveren (4) en door de innovatieve invalshoek lokale ondernemers en landbouwers inspireren. Dit met het oog op een meerwaarde voor alle betrokken schakels in de waardeketen. De korte looptijd samen met de verkennende fase bij de start van het project, maakt dat nog geen volledige commercialisatieketen gerealiseerd kan worden. Wel wordt een demo-case uitgewerkt om de verwerking van bierdraf en de gebruikte methodiek te demonsteren. De demo wordt op pilootschaal uitgewerkt en gaat samen met het uitwerken van een roadmap om aan te geven wat de verschillende stappen en schakels in de keten zijn en hoe deze kunnen toegepast worden rekening houdend met uitdagingen zoals: logistiek, standaardisatie en optimalisatie van de verwerking van bierdraf.

Het project zet maximaal in om de opgedane kennis en ervaring op een interactieve manier te verspreiden (5) en om netwerken vorm te geven voor de verdere uitbouw van deze keten. Hiervoor zullen er naast publicaties over de voederproeven in vakbladen voor de pluimvee, ook workshops B2B en B2C worden georganiseerd die zich richten op de verwerking van microalgen.

Doelstellingen

Voornaamste doelstelling van het project is door een innovatieve, laagdrempelige en succesvolle verwerking van bierdraf inspirerend te werken zodat lokale actoren deze opnemen en er een lokale (korte) keten kan gevormd worden met het oog op het optimaal valoriseren van een lokaal beschikbare reststroom, namelijk bierdraf van regionale en kleinschalige brouwerijen.

  1. zoeken naar een eenvoudige verwerkingstechniek om de droge en vloeibare fractie van de bierdraf te scheiden; 
  2. toepassingen uitwerken voor de droge fractie richting feed voor rund (theoretisch)- en pluimveehouderijen (een voederproef); 
  3. inzetten van de vloeibare fractie als substraat voor microalgenkweek met het oog op het demonstreren van een innovatieve en duurzame manier om regionale biomassa te produceren op een meer duurzame manier; het in kaart brengen van interessantste toepassingsmogelijkheden voor de nieuwe biomassa (microalgen), gaande van gebruik als voedingssupplement in de landbouw tot verwerking in originele voedselproducten;
  4. aantonen van de haalbaarheid van een dergelijke lokale en korte keten en ook het demonstreren van de meerwaarde ervan (uitwerken roadmap).

Met het oog op het effectief realiseren van deze nieuwe duurzame waardeketen gaan de projectpartners gezamenlijk aan de slag om een roadmap op te stellen. Naast toelichting over de praktische stappen die in het verwerkings- en valorisatieproces aan bod komen, wordt hier ook in kaart gebracht hoe deze keten organisatorisch, logistiek en op een rendabele manier kan worden gerealiseerd. Aandachtspunten die hierbij zeker aan bod dienen te komen zijn bijvoorbeeld: 

  • wie doet wat in het proces?
  • op welke manier kunnen efficiëntiewinsten worden gerealiseerd (vb schaalvergroting, creatieve manier van verzamelen bierdraf, … )
  • hoe kan de keten logistiek worden georganiseerd?
  • welke partners zijn nodig om deze keten op regionale schaal te realiseren?
  • wat is de meerwaarde voor de verschillende schakels/partners in de keten?
  • …

Het effectief uitwerken van deze keten kan eventueel opgenomen worden in een vervolgtraject en afhankelijk van de bekomen resultaten zelfs op grotere schaal uitgerold worden. Zo kan er bij een vervolgtraject samengewerkt worden met voederbedrijven voor de ontwikkeling van pluimveevoeder met de (gestandaardiseerde) bierdraf. Op termijn kan dan ook het gebruik van de natte fractie voor microalgenkweek uitgerold worden naar de grotere brouwerijen. Deze kunnen dan ook de bierdraf persen en de vloeibare fractie dan gaan commercialiseren of zelf gebruiken om algen te kweken. Er is ook een uitgesproken engagement vanuit de Hooibeekhoeve om te bekijken hoe de projectresultaten kunnen gebruikt worden voor het vinden van toepassingen in de melkveesector. (zie intentieverklaring Hooibeekhoeve)

Samenvattend is de missie van dit project de demonstratie van een lokale keten waarbij regionale (kleinschalige) brouwerijen hun bierdraf op een economisch interessante manier kwijt kunnen door de draf te verzamelen en te verwerken.  Daarbij geven we de lokale kleinere veetelers en pluimveehouders de optie om stabiel en betaalbaar krachtvoeder te bekomen dat gedurende het ganse jaar beschikbaar is door de langere houdbaarheid van de droge fractie. Tot slot demonstreren we ook een innovatieve verwerkingsopportuniteit van de vloeibare fractie door op pilootschaal microalgen te kweken die dan weer als ingrediënt kunnen opgepikt worden binnen de context van de korte keten. De in het project opgedane kennis wordt uiteindelijk gedissemineerd door middel van publicaties, workshops en demo-cases.

Uitvoering

Geel

Projectpartners
PROEFBEDRIJF PLUIMVEEHOUDERIJ, Autonoom Provinciebedrijf Hooibeekhoeve
Delen: