Bloemen tussen de koeien: hoe Wim en Liesbeth inzetten op verbreding met hun zelfpluktuin

Duurzaam ondernemen
zelfpluktuin 2
zelfpluktuin 3
zelfpluktuin 4

Copyright foto's: Wim en Liesbeth Kerkhove

Zelfpluktuin in Ruddervoorde groeit dankzij VLIF-steun voor Opstart van of omschakeling naar een toekomstgerichte duurzame ondernemingsstrategie

Aan de rand van Ruddervoorde, tussen Roeselare en Brugge, runt het landbouwerskoppel Wim en Liesbeth Kerkhove een veelzijdig bedrijf: melkvee, biologische legkippen én sinds twee jaar een bloeiende zelfpluktuin. Voor de opstart van die laatste deden ze beroep op VLIF-opstart van of omschakeling naar een duurzame ondernemingsstrategie, steun die hen nét dat extra duwtje gaf om hun idee werkelijkheid te laten worden.

Van klassiek bedrijf naar nieuwe horizonten

Het landbouwbedrijf van Wim en Liesbeth evolueerde de voorbije jaren sterk. “Vroeger waren we een klassiek bedrijf met melk- en vleesvee”, vertelt Wim. “Maar vleesvee is economisch een moeilijke sector. In 2020 kozen we daarom voor biologische legkippen. Dat bleek een goede keuze: we doen het graag én het is economisch haalbaar.”

Toen Liesbeth haar grote passie voor bloemen wilde omzetten in een professionele activiteit, was de keuze snel gemaakt: een bloemenpluktuin. De tuin beslaat vandaag ongeveer 20 are en werkt met abonnementen én een wekelijks vrij plukmoment op zaterdag.

De kracht van korte keten

De zelfpluktuin draait intussen twee zomers, van juni tot oktober. Het seizoen blijft bewust beperkt om het haalbaar te houden naast het andere werk op het bedrijf.

De pluktuin speelt in op meerdere maatschappelijke noden: korte keten, lokale economie en biodiversiteit. “In een regio met intensieve landbouw is het fijn dat we ook iets kunnen betekenen voor bijen. En klanten waarderen het echt dat ze lokaal kunnen kopen”, zegt Wim.

“We verschieten ervan hoeveel mensen van dichtbij komen. Het is duidelijk dat de vraag naar lokale producten groeit”, zegt Liesbeth. “Voor veel bezoekers is het een ontspannend momentje - ze komen met hun kinderen en genieten van de rust.” De pluktuin zorgt bovendien voor positieve contacten. “Soms vragen mensen zelfs of ze eens naar de kalfjes mogen gaan kijken. Dat is leuk om te zien”, zegt ze.

Enthousiasme, maar ook uitdagingen

“Hoewel klanten heel tevreden zijn, vraagt een pluktuin opbouwen veel tijd, vooral om bekendheid te krijgen. Nieuwe mensen aantrekken blijft moeilijk. We zouden meer moeten inzetten op sociale media, maar eerlijk gezegd is dat is ons ding niet”, geeft Wim toe. Liesbeth knikt: “Als ik iets moet doen, is het nog meer energie steken in promotie en sociale media.”

Ook de arbeidsintensiteit van het project blijft een punt van aandacht. Toch zien ze potentieel. Het klantenbestand groeit en de bloemenproductie zit goed. De komende jaren willen ze verder investeren en evalueren. “We geven het zeker vijf jaar. Het moet rendabel worden, maar we geloven erin”, besluit Wim.

“Als 80% van de bloemen verkocht wordt, kan dit een rendabel verhaal zijn.” Workshops met een professionele bloemist vallen alvast erg in de smaak en helpen klanten creatiever én zelfzekerder plukken.

Betrokken bij de buurt

Naast het economische aspect, brengt de pluktuin ook sociaal plezier. “Als landbouwer sta je vaak wat afgezonderd”, vertelt Liesbeth. “Maar nu heb ik op zaterdag sociaal contact met de klanten. Je voelt dat de waardering voor ons bedrijf groeit. En de afwisseling in werk is mooi meegenomen.”

Waarom de VLIF-maatregel voor hen het verschil maakt

De VLIF-steun voor opstart van of omschakeling naar een duurzame ondernemingsstrategie was voor Wim en Liesbeth een belangrijke factor om met vertrouwen te investeren.

“Zonder VLIF-steun hadden we dit waarschijnlijk ook geprobeerd, maar het zou veel zwaarder geweest zijn”, zegt Wim. “Die eerste jaren zijn echt moeilijk om uit de kosten te geraken. De steun geeft een duwtje in de rug om iets vernieuwends te proberen.”

De maatregel biedt landbouwers zoals Wim en Liesbeth de kans om te verbreden, in te zetten op korte keten en te experimenteren met nieuwe, duurzame bedrijfsmodellen.

Wat is VLIF Opstart van of omschakeling naar een toekomstgerichte duurzame ondernemingsstrategie op een landbouwbedrijf precies?

De maatregel waarop Wim en Liesbeth beroep deden, heet VLIF Opstart van of omschakeling naar een toekomstgerichte duurzame ondernemingsstrategie op een landbouwbedrijf. Deze steun is bedoeld voor landbouwers die hun bedrijf willen verbreden of omschakelen naar een duurzaam, vernieuwend verdienmodel — bijvoorbeeld via korte keten verkoop, pluktuinen, hoeveverwerking, zorg- of toeristische activiteiten. 

Een nieuwe oproep voor deze maatregel loopt tot en met 31 maart. Na het indienen van je aanvraag selecteert een jury de beste voorstellen.

Meer informatie: https://lv.vlaanderen.be/steun/vlif-steun/vlif-opstart-van-omschakeling-naar-een-toekomstgerichte-duurzame

 

Delen: