GLB zet in op bruisende dorpen

LEADER en samenwerking

50,5 miljoen euro om het Vlaamse platteland te versterken

LEADER is een maatregel uit het Europese Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB). De start van een nieuw GLB in 2023 betekende dus ook een nieuwe start voor LEADER. De LEADER-gebieden voor de periode 2023-2027 zijn intussen afgebakend en voor elk van die gebieden is er een Lokale Ontwikkelingsstrategie (LOS) opgemaakt met een actieplan om het gebied de komende 5 jaar te versterken en verder uit te bouwen.

Het totale budget voor LEADER 2023-2027 in Vlaanderen bedraagt 50,5 miljoen euro. Dat budget komt zowel van Europa, van Vlaanderen als van de provincie. De Lokale Actiegroepen (LAG’s) krijgen via een verdeelsleutel elk een deel van dat budget. Het Europese deel van het budget is afkomstig uit de tweede Pijler van het GLB en wordt aangevuld met Vlaamse en provinciale cofinanciering. Een LAG is een lokaal publiek-privaat partnerschap bestaande uit individuen of vertegenwoordigers van organisaties die leven of actief zijn in het gebied. Belangrijk daarbij zijn een evenwichtige samenstelling en vertegenwoordiging van de verschillende socio-economische belangen in het gebied.

LEADER staat gelijk aan duurzaamheid

Op Vlaams niveau werden drie prioritaire beleidsthema’s bepaald, die de LAG uitwerkt volgens de noden van het gebied in een ontwikkelingsplan. Deze drie prioritaire beleidsthema's vertegenwoordigen de drie facetten van duurzaamheid, de zogenaamde 3 P’s: people – profit – planet.

  1. Met duurzame landbouwproductie en -afzet kiezen we voor een gezonde plattelandseconomie (Profit).
  2. Via levendige en leefbare dorpen willen we het maatschappelijk weefsel waar nodig versterken (People).
  3. Ten slotte werken we met ‘biodiversiteit en landschapskwaliteit’ o.a. aan uitdagingen rond klimaatverandering, natuur en milieu, en dergelijke meer (Planet).

Energiek en dynamisch dorpsleven

Hieronder focussen we op ‘levendige en leefbare dorpen’. 

Via dit tweede prioritair thema wil Vlaanderen de betrokkenheid en samenwerking tussen dorpsbewoners en andere mensen die op het platteland actief zijn, versterken. Zo wil de bevoegde administratie voor LEADER, de Vlaamse Landmaatschappij, er bijvoorbeeld voor zorgen dat dorpsgemeenschappen zich op een duurzame en diverse manier ontwikkelen, zodat ze klaar zijn voor de toekomst. Via LEADER wil Vlaanderen ook de leefbaarheid verbeteren en sociale verbondenheid versterken, terwijl het ook eenzaamheid tegengaat. Maar denk ook aan een betere leef- en werkomgeving, waarbij innovatieve en duurzame initiatieven ondersteund worden in Vlaanderen. Daarnaast staat de verbetering van dienstverlening en voorzieningen op het platteland op het programma, onder andere door investeringen in infrastructuur en voorzieningen. Ook vervoersarmoede kan aangepakt worden dankzij LEADER.

Hoe kunnen deze ambitieuze doelen bereikt worden? Door bijvoorbeeld burgers actief te betrekken en hen te ondersteunen met capaciteitsopbouw en kennisdeling, met bijzondere aandacht voor sociale en digitale innovatie.

Den Hannekesnest in Evergem

Den Hannekesnest in Evergem is één van de projecten mogelijk gemaakt met steun van LEADER. De kerk werd omgebouwd tot een centrale ontmoetingsplek. Een plek waar buurtbewoners elkaar weer leren kennen. Vandaag vind je er een korte keten winkel, een bar, een terras, kleinere zaaltjes en een polyvalente ruimte in terug. 

 


 

Van dorpshuizen naar ‘smart villages’

In 2022 publiceerde de Vlaamse Landmaatschappij de studie ‘Dorpshuizen op het Vlaamse platteland - Hefboom richting het geconnecteerde dorp’. Daarin onderzoekt men hoe dorpshuizen op het platteland bijdragen aan de leefbaarheid en de veerkracht van het platteland. De voorbije jaren werden namelijk tal van projecten rond dorpshuizen ondersteund vanuit het plattelandsbeleid. Ook de toekomst krijgt een plekje in de studie. Toekomstige subsidies voor dorpshuizen moeten immers zo worden ingericht dat ze maximale impact brengen voor bewoners.

Het onderzoek toont aan dat gemeenten te maken hebben met een aantal specifieke problemen, zoals een beperkte toegang tot voorzieningen, een beperkt aanbod aan werkgelegenheid en een groeiende vergrijzing. Ook de kansen van digitale technologie werden quasi niet benut. Deze vaststelling moet de aanleiding vormen om sterker richting innovatie te prikkelen in de huidige programmaperiode. Het LEADER-kader zou daar de directe aanleiding moeten voor zijn. Zo spreekt de studie bijvoorbeeld over het concept ‘smart villages’ als toekomstbeeld voor veerkrachtige dorpen.

Dorpshuizen kunnen een nieuwe betekenis geven aan erfgoed of beeldbepalende gebouwen. Tien besproken projecten uit de studie zijn ontstaan vanuit de opportuniteit om een leegstaand gebouw te herbestemmen tot ontmoeting, waarbij acht van de tien gebouwen een voormalige religieuze invulling hadden (kerken en parochies) en gelegen zijn op een gunstige en centrale plek binnen het dorp. Het succes of falen van dorpshuizen heeft te maken met de context van het dorp, de openheid en de dynamiek van de initiatiefnemer en de betrokkenheid van lokale actoren. Zo blijkt het inspelen op de urgente behoeften via oplossingen op maat een succesfactor te zijn. Samenwerking met de buurt vergroot dan weer het draagvlak en is ook een belangrijke succesfactor. Iedereen bereiken blijft dan weer een uitdaging, denk daarbij aan doelgroepen als jongeren of mensen van andere origine. Dit vergt extra aandacht.

Trends om rekening mee te houden

Plattelandsgemeenten vertonen een grote diversiteit, zowel op socio-economisch als op ruimtelijk vlak. Deze diversiteit maakt het moeilijk om generieke oplossingen te vinden voor de uitdagingen waarmee zij worden geconfronteerd. Desondanks zijn er een aantal gemeenschappelijke trends te identificeren. Zo is er bijvoorbeeld sprake van een toenemende druk op de landbouwsector, terwijl de vraag naar residentiële en recreatieve ruimte blijft groeien. Uit de evaluatie van de 21 cases leren we dat dorpshuizen vooral betekenisvol zijn geweest naar het verenigingsleven, of een antennefunctie vervulden op vlak van dienstverlening. Ze hebben overwegend gefaciliteerd.

Toekomst en aanbevelingen

Om de leefbaarheid en vitaliteit van plattelandsgemeenten te verbeteren, zijn er verschillende beleidsmaatregelen en acties voorgesteld. Deze omvatten onder meer het stimuleren van lokale economische ontwikkeling, het verbeteren van de toegang tot voorzieningen en het bevorderen van sociale cohesie.

Het is belangrijk dat deze maatregelen worden afgestemd op de specifieke behoeften en kenmerken van elke plattelandsgemeente. Daarnaast is het van belang om de betrokkenheid van de lokale gemeenschappen te vergroten en hen actief te betrekken bij het ontwikkelen en implementeren van beleid.

Delen: